Welkom op

Dijken en Werken

 

Inleiding
West-Europa, van het Kanaal tot aan de Schelde-Maas-Rijn-delta was al in de vroege Middeleeuwen een multicultureel gebied. De meest verschillende stammen leefden hier geconcentreerd bijeen. Het Vlaanderen van nu, in het geografische centrum daarvan, heeft toponiemen die herinneren aan veel van die stammen: Morinen, Menapiërs, Atrebaten, Betaesiërs, Chatten, Friezen, Angelen, Saksen, Sueven, Franken, Vandalen, Noordmannen... In West-Europa, dat nu is verdeeld onder Frankrijk, België en Nederland, gebeurden zoveel activiteiten dat men het toen als een economisch centrum beschouwde. De noordelijke kant vanaf België tot de Rijn is dat trouwens nog altijd. Sommige stammen vestigden zich daar en anderen waren eerder op doortocht naar het zuiden of over het water naar het westen. Al het doorgaand verkeer van noord naar zuid of omgekeerd voer op de Noordzee en het Kanaal. De streek was dus één van de meest strategisch gelegen gebieden van Europa. Vanuit die streek kon men naar Kent en verder in Engeland, naar Ierland, naar Normandië, naar Bretagne, naar Spanje en de Middellandse Zee, of naar het verre noorden... Hierna volgt een zoektocht naar enkele relicten tussen verbanden van noord tot zuid, van het Kanaal tot de Noordzee.

In het Noorden

Danevirke
De Danevirke zijn massieve aarden wallen in Sleeswijk, oost-west vanaf Haithabu - Hedeby (Heideboede) tot aan de moerassen bij Hollingstedt. Ze zijn samen wel 35 km lang en op sommige plaatsen tot zes meter hoog. Douglas Price 1 ziet in de 'virke' de groeiende macht van de Denen die geleidelijk in staat waren om grootse werken tot een goed einde te brengen. Er is door archeologen slechts één doorgang gevonden, die van de haerevejen - heerweg, een militaire weg. De vroegste constructie moet rond 700 zijn gestart en was waarschijnlijk niet defensief bedoeld. In 737 bouwde men een soort lineaire versterking, die doet denken aan een gracht of kanaal en met een dijk die door de uitgegraven aarde ontstond. Dat kanaal zorgde misschien voor een veel kortere handelsweg want het vermeed een reis rond Denemarken. De dijk werd later versterkt met (bak)stenen en verschillende keren bijgewerkt en vergroot tot in de 19de eeuw.

DijkenenWerken.jpg
Geografische situatie van de Danevirke 2

Het bouwen van de Danevirke spitste zich toe op een drietal periodes, de zevende en de achtste eeuw, de tiende tot de twaalfde eeuw en de laatste versterkingen in vijftiger en zestiger jaren van de 19de eeuw.3 Het complex van verschillende wallen komt nooit over als een echte eenheid. Na de eerste fase is er tot aan de eerste helft van de tiende eeuw geen echt archeologisch bewijs van bouwactiviteiten. Toch omschrijven de 'Annales Regni Francorum' voor 808 Godfried als de belangrijkste protagonist achter het bouwen van Danevirke in de vroege negende eeuw om het nieuwe Deense rijk aan zijn zuidkant te beschermen. Misschien is hier sprake van een restauratie van de bestaande wallen. Op het einde van de tiende eeuw bouwt men de Kovirke, een 6 km lange en rechte muur op een paar kilometer ten zuiden van enkele bestaande wallen en grachten. Maar dit werk stortte al na enkele decennia in elkaar.4 Latere veranderingen liggen buiten het onderwerp van dit artikel.

Hedeby van de wikingen?
Romaanse kerken uit de twaalfde dertiende eeuw werden meestal gebouwd op oudere woonplaatsen en zijn vooral te vinden langs de noordkant van de Danevirke. Plaatsnamen uit de wikingtijd of ervoor ondersteunen dit gegeven. De Danevirke lijken een scheidingslijn tussen stammen aan te tonen, waarbij de noordelijke kant het meest was bewoond. Aan de zuidkant zijn Slavische, Saksische en Friese kenmerken gevonden. De urnegraven uit de achtste eeuw ten zuiden van de grote muur bij Jagel wijzen op een Friese bevolking. Wat opmerkelijk is, is dat Hedeby, als grootste nederzetting, ook langs die zuidkant lag.
Tijdens de eerste decennia van de 9e eeuw veranderde Hedeby structureel ingrijpend naar een meer West-Europees model met rechte straten en percelen. Einhard vermeldt voor het eerst Hedeby in 804. Hedeby kan geen militair belang hebben gehad, want dan zou het ten noorden van de werken zijn gebouwd. Het werd pas opgenomen in het complex van de Danevirke met de bouw van de halfcirkelvormige wal in de tweede helft van de tiende eeuw. Sleeswijk, ontstaan rond 1000, zal het economisch belang van Hedeby overnemen.
Moeten we, met de gevonden Friese en Saksische connecties, Hedeby zien als een 'wiking'-complex, een nederzetting uit het zuiden? (Het patroon van de ringwalburgen op Walcheren vinden we elders in het noorden.) Het grondplan van Hedeby gelijkt op een kamp uit het Siegfried-tijdperk. Die kampen vinden we vooral in West-Europa. Siegfried had Godfried toen al een tijdje opgevolgd en zijn kampen zagen er enigszins anders uit dan die van zijn voorganger. Van de vestiging van het Siegfriedkamp Hedeby zijn de contouren nog altijd duidelijk zichtbaar. Dezelfde structuren vindt men ook in Amiens of Leuven of Antwerpen of...5

 Hedebyschetskopie.jpg

43SchetsvandeRuienstadAntwerpen.jpg

Boven een bijgekleurde internetschets van Hedeby.6 en onder de Ruienstad Antwerpen7

In het zuiden

La Hague
Het enige wat een vergelijkbaar uitzicht heeft met de Danevirke is 'Le Haguedick' in Normandië. Het betreft een lange wal die het schiereiland afsluit van de rest van het vasteland. Als die Haguedick een defensief karakter zou hebben gehad, dan moest het gevaar komen vanuit het binnenland. Op die manier mogen we veronderstellen dat op het schiereiland een ander volk woonde dan achter de dijk. Lange tijd heeft men gedacht dat de dijk een werk was van wikingen. Recent wetenschappelijk onderzoek weerlegt dat nu. De wal dateert al van 1000 voor Chr. Maar de wal kan wel zijn gebruikt door latere volkeren. De wal is zo'n 5,6 km lang en is op sommige plaatsen tot 7 m hoog.

DijkenenWerken4.jpg
Doorsnede van de Haguedick 8

Toch is hier een verband te ontdekken met onze streken. Er zijn in de Nederlanden tientallen toponiemen te vinden met -dijk.9 De oudste namen hebben te maken met kunstmatig aangelegde waterkeringen, dammen maar ook sloten, waarachter men o.a. de vroegste polders vond.
In een bekende volkslegende uit La Hague, opgetekend in 1835 over het ontstaan van de familienaam 'Digard' komen we enkele markante zaken te weten.10
-Er is sprake van Denen (Deense wikingen) die in de buurt van La Hague soms vernieling zaaiden of soms gewoon in vrede woonden. Men spreekt over het schiereiland dus niet over een verdedigingsfort van wikingen, maar over 'vreedzaam wonen'. Ook de Haguedick wordt niet vermeld als verdedigingsdijk. Hij kan hoogstens voor bescherming hebben gediend. Dat levert dus niet het typisch barbaarse beeld van geweldenaars op. De vermelde vernielingen kunnen de legende zijn binnengeslopen omdat die Denen van de Franken nu eenmaal als geweldenaars moesten worden afgeschilderd.
-Roeland woonde op dezelfde plaats, volgens de legende rond 860, in een kasteel te St. Germain des Vaux (Germaanse valleien?) om La Hague te beschermen tegen indringers. Het gebied was volgens het verhaal een woonst van Roeland geweest, waar nu Denen op woonden. Het schiereiland had dus al geruime tijd een West-Europese Germaanse aanwezigheid. Bestaande toponiemen bevestigen dit.
-De Deen uit het verhaal heet 'Moeren'! Dat is voor mij het Moeren van de Scheldestreek met zijn Scaldingi waar ik Rollo en Roeland vandaan durf laten komen. Kan die Deen te maken hebben met Rollo? Rollo's bijnaam was 'van Moere'.
Juist zoals bij de Danevirke in het noorden kunnen we hier een inplanting van dezelfde Denen uit het Scheldegebied traceren. Door het feit dat in de buurt van de dijk nog een plaats te vinden is die 'Tingland' heet, mag men vermoeden dat het daar belangrijk genoeg was om een Ding te organiseren.

Werki
In Frankrijk bestaat een reeks plaatsen met een vrijwel identieke naam, een vorm van het woord 'guerche'. De grootste concentratie lag langs de grens of mark met Bretagne, in twee geïsoleerde plaatsen in de Cher en de Creuse, in de buurt van de beneden Loire en in de regio Rennes. Het ging in wezen over kleine verdedigingsplaatsen aan de grenzen of marken van een gebied.11
De oudste schrijfwijzen zijn Wirchia en Guirchia, wat duidelijk afkomstig is van het Germaanse woord 'werki' (werk of werken). De vraag is of dat het verdedigingsforten waren van de Franken tegen de binnenvallende heidenen of dat het eerder verdedigingsforten van zich installerende 'Denen' waren? Ongeacht welke kant men kiest, blijft het toponiem duidelijk West-Germaans. Dat de werken minder passen bij de daar gevestigde Denen kunnen we vermoeden door naar de vorm te kijken. Hier zijn het allemaal een soort forten met water rond, vierkantig gebouwd, duidelijk verschillend met de relicten van wikingkampen of ringwalburgen. Later werd er dikwijls een andere versterking op gebouwd, een mottekasteel of een burcht. Dat is duidelijk te merken in La Guerche-de-Bretagne met zijn château de la Guerche. Wat we hier kunnen onthouden is dat er sprake is van 'Deense wikingen' tegenover Franken.
Waarschijnlijk waren die 'werken' voorgangers van de latere militaire versterkingen die men 'bolwerk' noemde. Bol staat voor de houten stammen die men voor dit werk gebruikte. In Frankrijk is de naam geëvolueerd naar 'boulevard', wat eerst een militair houten bolwerk rond een stad betekende voor het een 'mooie laan' werd. Waarschijnlijk werden die mooie lanen of boulevards aangelegd op de plaatsen van de afgebroken bolconstructies.

In het centrum

Danes dyke
In de buurt van York bij Flamborough Head (misschien het Ocelum Promontorium van Ptolemeus) ligt de 'Danes Dyke', een 3.2 km lange dijk met ongeveer 13 km2 grond tussen de dijk en de zee, eenzelfde situatie als bij de 'Haguedick'. De dijk en de hoge kliffen, samen met twee stranden waar boten konden aanmeren, maakte het een goed verdedigbare plaats. De dijk stamt, net als de 'Haguedick' al van in het bronstijdperk. De naam laat wel vermoeden dat aankomende Saksen en Denen hier een ideale vestigingsplaats in zagen met een al klaarliggende verdedigingswal. Het laat ons weer de gelijkenissen zien tussen aanvallen van Saksen en Denen.

DijkenenWerken5.jpg
Danes Dyke

In 547 kwam bij Flamborough al een krijger aan land, Ida en zijn twaalf zonen. De bijnaam van Ida was Flamddwyn, vlammende-vriend.12 Er staat te Flamborough een 'Danish tower'.
Flamborough dankt haar naam aan een zekere Flane en zijn burg (Domesday boek). Misschien is het verwant aan Flensborg/Flensburg in Sleeswijk.13 Opvallend hoe de streek van de kust tot aan York verschillende toponiemen heeft die naar de Scheldestreek van de Scaldingi kunnen verwijzen. Dat de Denen van de Danes dyke uit dat Scheldegebied afkomstig waren mogen we dan ook vermoeden. Tot 1066 was de streek, met o.a. een Westmoerenland, in handen van Harald II (laatste West-Saksische graaf en koning van Engeland) en in 1086 Hugh, son of Norman. In de buurt ligt Burton Fleming, afkomstig van de woorden 'Burhtūn' - een versterkte hoeve met in 1066 een 'kerel' als lord, Karli, son of Karli - en 'Fleming'. Dit affix kwam door de 'Flemeng' familie die daar aanwijsbaar al woonde in de 12de eeuw. Niet zo ver daarvandaan ligt het Saksische Middlesbrough, Mydilsburgh in 1086, Middleburg in 1119. Dat is een homoniem met Middelburg op Walcheren, dat een ringwalburg had die werd gebouwd door koning Harald. Een buitenwijk van het Engelse Middlesbrough heet Mortan. Er zijn aanwijzingen dat de kerk zeker dateert uit de de Normandische periode (12de eeuw). Op dat moment heersten daar de 'Brus', familie van Robert de Bruce (Schotland), een huis dat afkomstig was van de Bruis familie uit Leuven-Brugge.
De abdij van Whitby werd vernield in de negende eeuw door raids van Denen onder leiding van Ingwar en Ubba, zonen van Ragnar Lodbrok (wollen broek) die in de buurt was vermoord. In de Normandische periode kreeg William de Percy het gebied. De Percy's waren gerelateerd aan de Bruce's. Door hen heet de blauwe leeuw in het wapen van de Percy's 'Brabant'.

Wansdyke
Wansdyke (letterlijk Wodansdijk) is een lange oost-west sloot met wal en wordt gedateerd tussen 400 en 700. Het is een van de grootste lineaire grondwerken in het Verenigd Koninkrijk. De naam verwijst naar de Saksische god Wodan. Door de naam kunnen we vermoeden dat heidense Saksen kunnen hier een verdedigingswal hebben aangelegd tijdens hun vroegste vestigingen in Engeland.

Offa's Dyke
Het is een lange aarden wal tussen Engeland en Wales tussen natuurlijke grenzen en is zo'n 130 km lang (240 met de natuurlijke barrières). De dijk is tot 20 m breed en tot 2,5 m hoog. De dijk wordt vooral toegeschreven aan Offa, koning van Mercia in de 8e eeuw en was wellicht de grens tussen Mercia en Wales.

Devil's Dyke
Devil's Dyke was een verdedigingswal in Hertfordshire rond een oude nederzetting. Delen er van heten 'The Slad' (sleet/vallei) en 'Beech Bottom Dyke' (beek-bodem-dijk) , Het moet in de eerste eeuw een vestiging van mensen uit de lage landen, Belgen, zijn geweest. Er werden archeologische vondsten 'Belgisch' aardewek van het vasteland gevonden. Zij vestigden zich waar in -15 de Catuvellauni woonden.

Devil's Dyke
Devil's Dyke, Reach Dyke, Devil's Ditch of St Edmund's Ditch, een aarden wal in Cambridgeshire. De dijk werd versterkt in de zesde zevende eeuw. Toen waren naburige Saksische stammen in conflict om hun gebieden af te bakenen. De dijk wordt ook vermeld bij verdedigingen tegen de binnenkomende Denen.


Werken
De oudste vermelding van het West-Vlaamse dorp zou Weretha(m)14 luiden wat 'buitendijks land’ betekent. Gysseling vindt Werecundia15 en ziet er een hydroniem in: Wirkundjō uit IE werguntiā. Mag ik twijfelen na de voorgaande onderwerpen?
In 2015 vierde men het 1350-jarig bestaan van het dorp wat neerkomt op 685 als stichtingsdatum, want volgens een studie over de motte 'd'Ogen Andjoen', West-Vlaams voor hoge ui, komt deze naam reeds in de 7de eeuw voor in een handschrift van de abdij van Sint-Omaars. Werken lag eertijds aan zee. Het toponiem 'Barsdamhoek' verwijst naar een dam tegen de baren van de zee, 'Roodezeehoek' komt van 'ter Hooge Zee' en verwijst naar het stuwen van de Colvebeek bij hoogtij en 'Pollaert' verwijst naar polder.14 Met dat continue vechten tegen water en die motte kunnen we ons even goed op een Friese terp wanen. Volgens Malbrancq16 zou Weretha afgeleid zijn van 'were', wat wijst op een aarden verdedigingswal, hetzij tegen vijanden hetzij tegen water. Kanunnik Tanghe17 houdt het bij 'wer' en 'ken', een 'kleine wal'.
Midden in het dorp ligt 'De Hogen Andjoen' als duidelijk restant van het middeleeuwse mottekasteel. Kan die motte een opvolger zijn geweest van een vroeger wikingen-'werk'? Dan heeft 'Werken' eenzelfde betekenis als de zuiderse 'werki'. Maar wie verdedigde zich tegen wie? Kwam het van de zeekant, dan denk ik aan de Denen18 die zich vestigden. Kwam het vanuit het binnenland, dan denk ik aan de Denen die zich verdedigden. Ten slotte zaten de 'Scaldingi' hier op hun grondgebied, in de buurt van Moeren - Moere toponiemen.

 

Werken2-1.jpg

Werken

Besluit
De vestigingen van de Saksen en de Denen lijken te wijzen een gelijksoortig settelen, dat alleen in tijd verschillend is. Zowel bij de 'Danevirke', de 'Haguedick', de 'Danes Dyke' als de 'Werke' hebben we vandoen met een West-Germaanse taal van Deense wikingen die afkomstig lijken uit het Scheldegebied. Het dorp Werken hangt daar misschien als een wagonnetje aan vast. Kan het Scheldegebied van de Scaldingi19 een veel belangrijker rol hebben gespeeld dan tot nu toe wordt aangenomen?

 

Een uitgebreider - en verder uitgewerkt - hoofdstuk over dit onderwerp zal te lezen zijn in mijn nieuwe boek: Zeevolkeren en wikingen, een nieuwe visie.

 

Bronnen
1-Price Douglas, Ancient Scandinavia: An Archaeological History from the First Humans to the Vikings, Oxford University Press, 2015 p 446
2-Dobat Andres Siegfried, Military and Socio-political Organisation in South Scandinavia (c ad 700 to 1100) in Medieval Archaeology 52, 2008 p28
3-Dobat p30
4-Dobat p42
5-Mestdagh M, De vikingen bij ons, Stichting Mens en Kultuur, Gent 1989 p151-153
6-http://www.worldofleveldesign.net/forums/showthread.php?4175-Hedeby-Norse-City februari 2016
7-Naar een tekening op perkament van rond 1700 dat zich in het stadsarchief van Antwerpen bevindt.
8-Bewerkte foto van Ernouf Guillaume, Wikipedia
9-Voor het opsommen van alle -dijk toponiemen is hier plaatsgebrek. Hierna enkele toponiemen met attestaties in het Oudnederlands. Vlaanderen: Dijk (dīk, plaats bij Diksmuide) Molendijk (molindīk, plaats bij Maarke-Kerken) Zuiddijk (sūthdīk, bij Wulpen, Veurne) Nederland: *Dijk (dīk, onbekende plaats op Walcheren) Aandijke (adandīk*Adendijk, bij Zaamslag) Dwarsdijk (thwerdīk *Dwerdijk, bij Koten) Vogeldijk (fogaldīk bij Aksel) frankandīk (*Frankendijk, verdronken plaats bij Kloosterzande) Hengstdijk (hengistdīk, bij Vogelwaarde Zeeland) Langedijk (langadīk, onbekende plaats bij Oostburg) Zanddijk (santdīk, bij Veere) Frans-Vlaanderen: aldadīk (*Oudedijk, onbekende plaats bij Saint-Omer) Hodicq (hōdīk,*Hodijk, bij Brexent) Hodicq (hōdīk*Hodijk, bij Beuvrequen) Krommedijk (krumbadīk, bij Duinkerke) Langedic (langadīk, *Langedijk, plaats bij Moulle) Mardijk (marodīk *Maardijk, bij Duinkerke)
10-Uit: de Boüard Michel, La Hague, camp retranché des Vikings? in Annales de Normandie, 3e année n°1, 1953. pp. 3-14 citaat:
Dans la seconde moitié du ixe siècle, vers 860, dit la légende, s'élevait à St. Germain des Vaux un château dont le comte Roland avait la garde, avec mission de défendre la Hague contre les raids des pirates (ce château serait celui de Mont-Haguez, dont parle Wace.) Or un chef danois, nommé Moeren, qui tantôt ravageait le pays, tantôt y séjournait paisiblement, s'éprit de la fille du comte et l'épousa secrètement. Un enfant naquit, que l'on cacha. Un jour où les Vikings danois, après une attaque manquée, se trouvaient contraints à un embarquement précipité, ils abandonnèrent sur la plage - d'autres versions disent : sur la mer, dans une petite nacelle - le bébé. Lorsque les gens qui l'avaient trouvé ramenèrent au château de Mont-Haguez, le comte, émerveillé de l'aventure, s'écria : « Vraiment, ce que Die gard (Dieu garde) est bien gardé ! » D'où le nom de Digard porté par lafamille dont cet entant fut l'ancêtre.
11-Nog andere plaatsen zijn: La Guerche (naam van een 50-tal gemeenten in het westen van Frankrijk), La Guerche (Indre-et-Loire), twee maal 'La Guerche (Vienne), La Guerche-de-Bretagne (Ille-et-Vilaine). La Guerche-sur-l'Aubois (Cher), La Guierche (Sarthe)...
12.Thierry Agustin, History of the Conquest of England by the Normans. ... Translated from the French by C. C. Hamilton Whittaker & Company, London 1841 p6
-Is die aankomst van Ida niet een verhaal dat lijkt op de 12 Friese asega's die nieuw land opzochten? De bijnaam van Ida was Flamddwyn, vlammende-vriend. Of heeft het eerste woord iets met 'Vlaming' te maken?
-Flamborough legt men ook uit als Angelsaksisch 'flaen' speerpunt en burg. Kan het ook van 'flean' komen, geplunderd: flana-burg: geplunderde burg. Het woord is verwant met 'vlaen', villen.
-Enkele West-Germaanse toponiemen tussen York en de zee: Dove Cote (Kirk) Hole, Grenzmore (Gransmoor) Chelche (Kelk) Langetorp (Lowthorp) Grendele (Grindale) Hundemanbi (Hunmanby,in de elfde eeuw eigendom van Gijselbrecht van Gent) Apletrewic (Appletreewick. Denk aan Apelterre) Hebedenetorp (Hebden) Drifelt (Driffield) Frestintorp (Fraisthorpe) Cattune (Catton) Scarpenbec (Skirpenbeck) Copemantorp (Copmanthorpe)...
13.Flensburg was een handelsplaats van Angelen en Friezen op een kruispunt van handelswegen en aan een fjord. Het is als een 'wic' ontstaan. Al voor 1100 bestond hier een vestiging met de naam Sint-Gertrude (Ramsharde), wat op een connectie met de Nederlanden wijst.
14-Bouquet Martin en anderen, Recueil des historiens des Gaules et de la France... Tome neuvième Aux dépens des libraires associés, 1757 p154 en INL bij waard.
15-830 kopie tiende eeuw en Werkin 1171-80
16- De Morinis 1639
17-https://inventaris.onroerenderfgoed.be/dibe/geheel/122191 februari 2016
18-Uit het Deense eiland Walcheren, Walcherse Friezen of Wac-Friezen volgens Wace in zijn 'Roman de Rou' (over Rollo)
19-Moderne Scaldingi hebben nu misschien één van volgende bestaande familienamen: Schelde, Scheldeman, Schelden, Scheldt, Schelt, Scheltema, Scheltinga, van de(r) Skelde(n), van de(r) Schilde, van den Schilde(n), van der Schilt, Vandesquille, van Schelt, Verschelde(n), Verschilde, Verchel(de), Verschelle, Versquel, Verschelve...
In 1176 Gerulphi de Schalda, 1368 Gosuinus de Scalda, 1427 Jans van der Schelden huus, 1537 Jan Verschellen